regels gebruik PI40BQC

Voorschriften en beperkingen verbonden aan vergunningen voor het gebruik van frequentieruimte ten behoeve van het doen van onderzoekingen.

Verenigingen van radiozendamateurs.

Artikel 1 Algemeen.

De voorschriften en beperkingen verbonden aan vergunningen voor frequentieruimte ten behoeve van het doen van onderzoekingen door radiozendamateurs zijn van toepassing, voor zover daarvan in deze voorschriften en beperkingen niet wordt afgeweken.

 

Artikel 2 Gebruiksvoorschriften.

  1. De vergunninghouder (BQC) is niet verplicht bij het amateurstation aanwezig te zijn.
  2. De vergunninghouder (BQC) mag het amateurstation laten gebruiken door radiozendamateurs van de categorie A, F en N met toepassing van de voor hen geldende voorschriften en beperkingen.
  3. De vergunninghouder (BQC) mag het amateurstation tevens laten gebruiken door leden van de verenigingdie:
    1. in het bezit zijn van een vergunning in de categorie N, op frequentiebanden genoemd in de bijlage behorende bij de voorschriften en beperkingen verbonden aan vergunningen voor frequentieruimte door radiozendamateurs;
    2. in het bezit zijn van een HAREC-certificaat of van een verklaring van de examencommissie voor amateurradio-zendexamens waaruit blijkt dat de gebruiker met goed gevolg een examen, als bedoeld in paragraaf 2 van hoofdstuk 2 van de Examenregeling frequentiegebruik, heeft afgelegd;
    3. zich bekwamen voor het afleggen van een examen Radiotechniek en Voorschriften.
    4. In afwijking van het lid a t/m c kan een persoon die niet voldoet aan de desbetreffende voorwaarde een radiozendapparaat bedienen indien de bediening plaatsvindt in directe aanwezigheid en onder verantwoordelijkheid van een persoon die wel aan deze voorwaarde voldoet.
  4. Het gebruik overeenkomstig het derde lid dient te geschieden onder toezicht van een radiozendamateur van de categorie A of F.

 

Artikel 3 Beheerder (Call manager).

De vergunninghouder (BQC) dient een radiozendamateur van de categorie A of F aan te wijzen die namens de vergunninghouder (BQC) het amateurstation beheert (PA1FJ).

Het clubbestuur benoemt uit haar leden een call manager.

De call manager handelt volgens aanwijzigingen van het bestuur.

De call manager verzorgt (of laat verzorgen) de uitgaande QSL en de inkomende QSL.

De call manager verzorgt het logboek, waarin opgenomen de reguliere informatie van gemaakte verbindingen.

De call manager ziet toe op het gebruik van de machtiging volgens de machtigingsvoorwaarden.

Het gebruik van de roepletters, buiten de clubronde en de clubcontesten, behoeft vooraf toestemming van het clubbestuur.

De call manager geeft, op verzoek van het afdelingsbestuur, inzage in zijn administratie.

De call manager stelt het afdelingsbestuur onverwijld op de hoogte bij gesignaleerde onregelmatigheden, voor wat betreft het gebruik van de roepletters.

Artikel 4 Logboek.

  1. Bij gebruik van het amateurstation moet een logboek worden bijgehouden. Het logboek mag niet losbladig zijn.
  2. In het logboek moeten de volgende gegevens worden vermeld:
    1. datum;
    2. tijdstip (in UTC) van begin en einde van de uitzending;
    3. klasse van de uitzending;
    4. de gebruikte frequentieband;
    5. roepletters van het tegenstation;
    6. naam en eventuele roepletters van de gebruiker van het amateurstation met diens handtekening;
    7. naam, roepletters en handtekening van diegene(n) belast met het toezicht op het gebruik overeenkomstig artikel 2, tweede lid;
    8. plaats van uitzending indien het amateurstation niet op het vaste adres wordt gebruikt.
  3. De gegevens dienen ten minste 1 jaar te worden bewaard.

Alleen machtiginghouders mogen zelfstandig gebruik maken van de PI-registratie.

Machtiginghouders mogen de club call alleen gebruiken volgens hun eigen, door AT verstrekte, vergunning.

Dit houdt NIET in dat een N-vergunninghouder vraagt om de call te gebruiken en vervolgens een bevriende F-amateur als toezichthouder laat fungeren om op deze wijze op alle banden te kunnen werken. Deze F-amateur heeft dan in feite de verantwoording en dient bij de toezichthouder, als clublid cq. gebruiker, bekend te zijn.

Niet-licentie houders mogen alleen onder toezicht en begeleiding van de opgegeven operator (A of F-categorie) van PI4ØBQC gebruik maken.

Gebruik van de club-call dient bekend te zijn  bij de verantwoordelijke operator  van de BQC (PA1FJ) van de registratie PI4ØBQC.

Na aanmelding en controle voor de gevraagde datum wordt men op de stationslijst geplaatst.

De club-call mag alleen gebruikt worden volgens het, bij de verantwoordelijke operator, aanwezige schema. Hiervan mag onder geen voorwaarde van worden afgeweken. Op de geclaimde dag, op de operatorlijst van PI4ØBQC, mag alleen de aanvrager uitzendingen voor PI4ØBQC plegen. Twee PI4-signalen in de lucht op dezelfde band is toegestaan mits de signalen worden uitgezonden in verschillende modes (CW, SSB, PSK, RTTY en FM) en/of op verschillende frequentiebanden. Dus geen twee PI4-signalen op dezelfde band  in dezelfde mode.

Alleen de rondeleider heeft, indien gewenst, op de aangegeven dagen en op de aangegeven tijden voorrang op alle andere gebruikers. De andere gebruikers dienen dan hun uitzending tijdelijk te staken.

Men dient ten alle tijden een logboek te voeren over de gepleegde uitzendingen van PI4ØBQC. Vermeld moeten worden minimaal de volgens Artikel 4 gegeven elementen  en het uitgangsvermogen. Dus TRCVR, output en antenne.

Een kopie (cabrillo)logboek dient te worden verstrekt aan PA1FJ,  verantwoordelijk operator van PI4ØBQC. Dus een  Cabrillo-, Excel-of Adif-file naar pa1fj@kpnmail.nl

Als het om een contestlog gaat is het extra toesturen van de cabrillo-file naar PA1FJ voldoende als logboek. Bij een QSO-party mag een copie Excel, ADIF of .txt-file sturen naar de verantwoordelijk operator voldoende zijn.

Voor de contesters het volgende:

Log invoeren onder call PI4BQC(/p)

Name:             TBD

Address:          TBD

Address:          TBD

Address:          The Netherlands

 

Dus: QTH is TBD, de locator is  TBD, Benelux QRP Club.

Bij /p-gebruik je eigen locator vermelden

Onder “Operators:” Alleen je eigen call invoeren. Geen hele serie zoals bij de velddag, alleen je eigen call.

Voor X-radios: en X-antennas: je eigen installatie benoemen. Deze informatie is nodig voor het uitschrijven van de 2-way-QSO QSL-kaarten.

Bij “X-EMAIL:” geef je jouw eigen adres want de robot zal altijd naar het verzendadres antwoorden.

Voor de rest zal het log-programma zelf wel zorgen, denk ik.

 

Als je tijdens een gewoon QSO je naam vermeld geef dan gelijk je eigen call er bij dat stimuleert het tegenstation misschien om opzoek te gaan naar andere BQC-leden om het award te behalen.

 

Succes namens de Benelux QRP Club,

De verantwoordelijke operator van PI4ØBQC, PA1FJ.

 

PI4ØBQC ook te lezen als PI4BQC.

BQC= BeNeLux QRP Club.

 

Bron:

Voorschriften en beperkingen                       AT                  dd.: 21-10-2004-928.v8